Sam en ik zijn op het strand. De voorspelling van de warme dagen bracht ons op het lumineuze idee naar de Noordzeekust te rijden
Sam vindt autorijden leuk. Hij zit lekker in de achterbak en kijkt uit het raam. Na een uur rijden sukkelt hij in slaap en verliest hij zijn evenwicht. Van achter het stuur roep ik “lig”. Ik zie zijn twijfel, want stel je voor dat je wat mist op de weg. Een seconde of vijf doet hij zijn koppie naar beneden, maar al snel floept zijn guitige snuit weer over de achterbank. Dit gaat een paar keer zo heen en weer tot hij met een grote zucht neerstrijkt.
Eenmaal aangekomen vertrekken we bepakt en bezakt naar het strand. Het lijkt wel een volksverhuizing: handdoek, bal, twee soorten zonnebrand, hondenbak, waterfles voor Sam, water voor mij, brokjes, banaan, brood, telefoon, oortjes, e-reader, check!
Zodra Sam de zee ruikt en de geuren van het strand, huppelt hij met blijheid de dag tegemoet. Wat een feest! Overal is wat te vreten, te snuffelen en te onderzoeken. Een net aangespoelde kwal wordt toe geblaft en naar alle zandvliegjes vrolijk gehapt. De ambitie van vandaag? Een tunnel graven van hier naar de overzijde.
Sam heeft een grondige haat-liefdeverhouding met de zee. Alles wat geluid en golven maakt, verandert hem in een zeurkous, met een zuinige mond, die drentelt langs de waterkant waarvan het pak niet nat mag worden. Met al het gevlei van de wereld laat Sam zich niet overhalen. Je ziet hem denken: “mens hou op met zeuren, ik heb andere dingen te doen”.
Die andere dingen zijn de sociale contacten op peil houden. Dat kan volop. De laatste skincare-tips voor zout in je vacht en zand in je staart worden gedeeld. Er zijn ook momenten op zo’n dag dat hij zich stierlijk verveelt. Er wordt dan binnensmonds gepiept, hij doet tientallen pogingen om op mijn handdoek te gaan liggen en vraagt constant aandacht door zijn poot naar me op te heffen en met zijn nagels over mijn huid te krassen.
Als er twee straaljagers laag voor de kustlijn overvliegen, schrikt Sam zo dat hij pardoes op mijn schoot springt. De stoere zeehond verandert voor een moment in een bibberend hoopje ellende en ik in zand en haar. We gaan een ijsje eten en op een onbewaakt moment neemt hij een ferme lik. Ondeugend kijkt hij naar me op; ik laat het maar.
Als we dan na een lange, luie dag aankomen in ons appartementje, schudt hij eindelijk een keer zijn vacht uit. Natuurlijk, precies op het moment dat we de drempel overstappen. Hij sjokt naar zijn meegenomen mand, vouwt zich op en snurkt de nacht in.
#hondenleven
